Metropoolregio Eindhoven

Commentaar van het CDA op het eindrapport van de evaluatie van de Metropoolregio Eindhoven.

Het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven heeft het eindrapport van de evaluatie aangeboden aan de raden en gevraagd om uiterlijk 1 oktober op het rapport en de aanbevelingen te reageren. De reacties zullen worden betrokken bij de behandeling van het vervolgproces in de vergadering van het Algemeen bestuur van 1 november 2017.

Als we kijken naar het raadsvoorstel van het College zien we dat dit zich vooral richt op de inhoud van de analyse, maar nauwelijks op de aanbevelingen. Daarbij wordt in kanttekeningen nadrukkelijk opgemerkt dat alleen kennis genomen kan worden van de evaluatie en dat de raad geen reactie of zienswijze hoeft in te dienen. Dat klinkt niet als een aanmoediging om veel tijd aan deze zaak te geven en gaat voorbij aan het feit dat in de begeleidende brief van de MRE juist nadrukkelijk om reacties wordt gevraagd.

Wij vinden dat het daarom de taak van het college is de raad te stimuleren om actief te reageren op dit rapport. De aanbevelingen dienen daarbij o.i. centraal te staan. Het gaat immers om te toekomst.

In de brief wordt gesuggereerd dat de raad vooral wil samenwerken op het niveau van het Stedelijk Gebied Eindhoven en minder geïnteresseerd zou zijn in de MRE. Wij denken dat dit niet juist is.

Gesteld wordt dat het SGE een subregio van de MRE is. Dat is nu net iets dat nader bekeken moet worden. De indeling in subregio’s is erg onduidelijk: Helmond behoort tot het SGE, maar wordt ook gerekend tot de Peelregio. Oirschot is deel van het SGE, maar ook van de Kempenregio.

Bij de oprichting van de MRE werd gesteld dat de MRE op een aantal thema’s de gemeenschappelijke beleidskaders zou ontwikkelen. De subregio’s zouden deze vervolgens concreet vertalen en inpassen in de lokale situatie. In de brief lijkt het omgekeerde gesuggereerd te worden.

In de brief wordt ingestemd met begeleiding van het vervolgproces door een onafhankelijke partij, maar in de aanbevelingen wordt voorgesteld dit proces te laten leiden door een zwaargewicht of sterke kleine commissie. Dat is niet hetzelfde.

Wij zijn voor het laatste en vinden dat we alle verdere structuurvragen moeten laten afhangen van de centrale vraag: wat zijn de inhoudelijke doelstellingen en ambities van de MRE. Het helder krijgen van een antwoord op deze vraag is richtinggevend voor de uitwerking van alle andere aanbevelingen.

Daarbij moet tempo gemaakt worden: het is hoog tijd dat we een transparant, slagvaardig bestuur van de regio krijgen.

CDA.

Print Friendly, PDF & Email