Meerjaren begroting 2018-2021. Commentaar CDA

Vandaag behandelen we de laatste begroting van deze raadsperiode. Dat is maar goed ook, want het wordt steeds duidelijker dat het financieel beleid van dit College op dood spoor is beland.

Wij hebben bij de kadernota kritiek gehad op de irreëel lage indexcijfers. Het was natuurlijk onvermijdelijk dat de lonen in deze begroting als gevolg van het CAO akkoord met 3,65% werden verhoogd.

Op ons verzoek is de berekening van deze verhoging in de technische toelichting weergegeven. Hoewel dit geen avond is voor allerlei technische discussies willen we toch een nadere uitleg op die regel uit die berekening, waarin de oorspronkelijke stijging van de loonsommen van 1,4% wordt geëlimineerd. We zien daar sterk oplopende bedragen. Het blijkt dat de correctie oploopt van 1,4% in 2018 tot 2,8% in 2021. Dit vinden we merkwaardig omdat daardoor de stijging van de totale loonsom over de hele periode wordt verminderd zonder aanwijsbare reden. Graag een nadere toelichting hierover.

Bij de kadernota hebben we al aangegeven dat we de kostenindexen veel te laag vinden: in de september circulaire zien we nu dat de loonindex voor 2017 gesteld op 3,6% en voor 2018 op 2,4%. (basis: MEV van het CPB van sept. 2017)

Voor de netto materiële consumptie wordt de kostenstijging gesteld op 1,4% . Ook heel wat hoger dan de 0,8% waar in deze begroting vanuit wordt gegaan.

Wij hebben bij de kadernota voorgesteld deze indexen aan te passen aan de indexcijfers waar in de meiciculaire vanuit wordt gegaan. Het lukte toen niet om de Kadernota aangepast te krijgen. Nu we aan het begin van een nieuwe begrotingscyclus staan willen we opnieuw voorstellen voor deze cyclus de indexen te baseren op de objectieve, meest recente CPB ramingen waar in de mei/september ciculaire naar verwezen wordt. Wij zullen hiervoor een motie indienen.

Als gevolg van de verlaging van de loonkostenindex waar in de Kadernota vanuit werd gegaan, werd in het begrotingssaldo ook een besparing op de de bijdrage van S&B aan de DDV opgenomen: 43.215 voor 2018 oplopend tot 123.768 in 2021.Deze getallen zijn kennelijk niet aangepast aan de salarisverhoging van de ambtenaren CAO. Wij denken dat dit wel had moeten gebeuren. Graag commentaar van het College.

De bijdrage aan het SGE wordt nu wel als een structurele last gezien. Terecht. Dat hadden wi j in een amendement van de kadernota ook bepleit.

De beleidsdiscussie gaat dezer dagen vooral over de inrichting van het centrum van Breugel en Son.

Er moeten daarvoor veel grote investeringen worden gedaan: het vervangen van de Bongerd, de MFA, parkeren, nieuwbouw van de “de plint”, verbouwing Raadhuis etc. Deze moeten enerzijds worden gedekt uit de reserves door het creëren van dekkingsreserves en anderzijds door een groeipad dat ten laste komt van de exploitatiebegroting. De reserves slinken snel en de omvang van het groeipad blijkt van jaar tot jaar te fluctueren afhankelijk van de problemen om de exploitatiebegroting sluitend te krijgen. Dit opportunistisch ge-jojo met het groeipad vinden wij niet juist.

We zullen snel een overzicht moeten krijgen van de omvang van de voorgenomen investeringen en de ruimte die duurzaam in de exploitatie begroting gereserveerd kan worden voor het groeipad. Het groeipad mag niet van jaar tot jaar de sluitpost van de begroting zijn. De financiële ruimte die we aan deze investeringen willen geven moet ook als regelgrens voor de omvang van de investeringen gaan gelden. Die grens is nu niet duidelijk getrokken.

Wij vragen daarom het College om met een helder financieel kader voor het investeringsbeleid te komen.

De kosten van de jeugdzorg vormen een belangrijk risico. Uit allerlei perspublicaties blijkt dat dit bij veel gemeenten een groot probleem is. In de begroting lezen we dat een verwacht overschot in de WMO begroting ingezet kan worden voor het dekken van tekorten op de jeugdzorg. Maar dat mag geen vaste claim op het budget voor de WMO worden. In de risico paragraaf is wel een groot bedrag voor de jeugdzorg opgenomen, maar de risico’s zijn ook groot. Beslissingen van de rechter kunnen een enorme impact op de kosten hebben.

Zou het daarom niet wenselijk zijn om met meerdere kleine gemeenten een soort verzekering voor dit risico te creëren? Graag de mening van het College hierover.

Wij zijn positief over de klimaatbegroting. De doelstellingen kunnen een goed instrument zijn om te sturen naar CO2 reductie en dus een beter milieu. Daar zijn we een groot voorstander van.

Maar het College had ook de doelstelling om de OZB niet te verhogen. Als de klimaat doelstellingen met dezelfde trucs en kunstgrepen gehaald moeten worden als de OZB- doelstelling, dan wordt ons milieu daar waarschijnlijk niet veel beter van.

Het CDA wil een College dat streeft naar echte duurzaamheid, ook als gaat om het financiële beleid.

Fractie CDA

Motie

Print Friendly, PDF & Email