CDA en de nieuwe coalitie

Het CDA is blij dat er een einde is gekomen aan een periode van slepende conflicten en dat er nu een eensgezind college klaar staat om te bouwen aan onze gemeenschap.

Het einde van de zittende coalitie en het aftreden van John Frenken als wethouder was daarbij onvermijdelijk. Dat neemt niet weg dat wij respect hebben voor zijn jarenlange inzet als wethouder van deze gemeente en daar graag onze dank voor uitspreken. Wij wensen hem het beste voor de toekomst.

Er rest in deze periode nog maar weinig tijd en er moet nog veel gebeuren. Vanuit dat besef heeft het CDA ook deelgenomen aan de coalitiebesprekingen. Hoewel deze in een plezierige en constructieve sfeer verliepen zijn wij toch afgehaakt omdat wij ons op een drietal punten onvoldoende herkenden in het coalitieakkoord.

Op de eerste plaats wilden wij voor het gevoelige dossier van de MFA meer tijd te nemen om tot een breed gedragen besluit over het MFA en de locatie daarvan te komen. De mogelijkheid om het MFA in de kerk te realiseren ziet er, blijkens het onderzoek, goed uit en moet een reële kans krijgen. De besluitvorming hierover moet transparant en met inhoudelijk overtuigende argumenten geschieden. Zo zullen wij ons eigen oordeel vormen.

Het tweede punt betreft de bestuurlijke toekomst. Hierover heeft de raad al een besluit genomen. Hoewel wij het daar niet mee eens waren, hadden we, met respect voor de democratische besluitvorming, kunnen leven met het feit dat het nieuwe college zich door dit besluit zou laten leiden. Echter de kans is groot dat door het rapport over de bestuurlijke toekomst van Nuenen, dat in juni verschijnt , de discussie over onze bestuurlijke toekomst ook weer geopend gaat worden. Wij willen dan een eigen koers kunnen varen.

Ons standpunt over dit onderwerp blijft onveranderd: wij zijn van mening dat het belang van de burgers het best gediend is met een sterk en slagvaardig bestuur van de regio. Een vitaal Brainport, met hoogwaardige stedelijke voorzieningen, vraagt om een sterk en samenhangend bestuur van de regio. Aan de andere kant moet het belang van de lokale gemeenschap worden erkend en gesteund. Deze beide zaken moeten zo in de toekomstige bestuursstructuur worden verankerd dat zij elkaar versterken: een vitale lokale gemeenschap binnen een vitale regio.

Tenslotte wil het CDA een voorbehoud maken over de woningbouw. Wij zijn niet tegen sociale woningbouw , maar voor ons geldt nadrukkelijk: Groen gaat voor groei! Zoals dit ook in de toekomstvisie is vastgelegd . Dat zien we in de kaders onvoldoende terug. Voor ons is “wonen in het groen” een kernwaarde voor Son en Breugel .

Als wij dit groen willen ontzien, is er in onze gemeente nog maar een beperkte hoeveelheid bouwgrond beschikbaar . We moeten ons realiseren dat het gevolg daarvan is dat op een gegeven moment niet meer met nieuwbouw binnen onze gemeente aan de vraag kan worden voldaan.

Het woonbeleid moet regionaal, “als ware wij één gemeente”, worden opgepakt, zoals ook in het convenant voor het stedelijk gebied is afgesproken.

Hoewel het CDA dus op een aantal punten een eigen koers zal varen, herkennen wij ons ook in een heel groot deel van het coalitieakkoord. Wij zullen deze coalitie daarom constructief tegemoet treden en wensen het nieuwe team veel succes.

Hans Werner, CDA